Recente WOZ-uitspraken (rechtspraak.nl)
- ECLI:NL:RBOBR:2026:7483 Rechtbank Oost-Brabant, 22-10-2026, 25/2470, 25/2471, 25/2472, 25/2473 en 25/2474 (27-10-2026)
Hoogte van de proceskostenvergoeding in een WOZ-zaak. Eiser heeft niet aangetoond dat zijn rechtsbijstandverlener (Previcus) in 2025 een bijzonder geval was. De door Previcus ingediende facturen, betaalbewijzen, modelofferte en notitie tonen dit niet aan.
- ECLI:NL:RBNNE:2026:4249 Rechtbank Noord-Nederland, 06-10-2026, AWB_LEE 24/3877 (26-10-2026)
WOZ – artikel 17, tweede lid, Wet WOZ – naar het oordeel van de rechtbank is de waardematrix van de heffingsambtenaar, anders dan belanghebbende stelt, inzichtelijk. De heffingsambtenaar heeft voldoende gecorrigeerd op de staat van de woning – beroep ongegrond
- ECLI:NL:RBNNE:2026:4567 Rechtbank Noord-Nederland, 22-09-2026, LEE 25/4454 (26-10-2026)
WOZ. Afzonderlijke waardevaststelling ieder jaar. De heffingsambtenaar heeft aannemelijk gemaakt dat de vastgestelde waarde niet te hoog is. De aan- en verkoopprijs liggen ook (ruim) boven de vastgestelde waarde.
- ECLI:NL:RBGEL:2026:7938 Rechtbank Gelderland, 14-10-2026, ARN 24/4348 (23-10-2026)
Wet WOZ. Gemachtigde [naam]. Tweede keer beroep ingesteld, jaren na intrekking eerste beroep. Niet ontvankelijk. Verzoek vergoeding immateriële schade afgewezen, omdat de termijn is geëindigd bij intrekking van het eerste beroep.
- ECLI:NL:RBGEL:2026:7937 Rechtbank Gelderland, 14-10-2026, ARN 24/5515 (23-10-2026)
Wet WOZ. Gemachtigde [naam]. Beroep over hogere kostenvergoeding, kort na instellen beroep alsnog uitbetaald door heffingsambtenaar. Artikel 8:54 Awb. Kennelijk niet ontvankelijk beroep wegens niet overleggen recente machtiging.